Onze geschiedenis
In november 1924 kwamen 18 heren in jacket bijeen in de Sociëteit De Witte om met een diner de oprichting van de Rotary ’s-Gravenhage te vieren. De charter uitreiking van onze club vond echter pas op 24 februari 1925 plaats, waardoor de RC Rotterdam ons net voor was. Wij zijn dus op de RC Amsterdam en RC Rotterdam de derde oudste Rotaryclub van Nederland! Uit onze club zijn de meeste Haagse Rotaryclubs voortgekomen.
De club groeide gestaag tot aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de oorlog werden Rotarybijeenkomsten verboden en werden het archief en de administratie door de Duitse bezetting in beslag genomen. Pas in de jaren ’90 is dit archief met vele andere Rotary archieven, door bemiddeling van Koningin Beatrix, naar Nederland teruggekomen. De archieven bleken in Berlijn opgeslagen en zijn door de Russen mee naar Moskou genomen. Deze archieven worden nu in het Amsterdams Stadsarchief bewaard. De archieven staan vol met Duitse en Russische stempels en aantekeningen van Duitse en Russische inlichtingen-diensten.
Na de oorlog is de club weer actief voortgezet en het is vooral Gert Kirchman (Directeur/Eigenaar van de Zuid Hollandse Bierbrouwerij) geweest die meer dan 40 jaar lang het secretariaat van de club gevoerd heeft. Alle weekverslagen, bestuursvergaderingen en ledengegevens zijn nauwkeurig door hem vastgelegd en in ordners bewaard. Dit archief is aan Gijs Verdoes Kleijn overgedragen en inmiddels is een deel daarvan bij het Haagse Stadsarchief terecht gekomen.
In de naoorlogse jaren is de club gegroeid naar gemiddeld 100 leden. Het was een formele club. Altijd jasje, dasje, U en mijnheer. Voornamen werden niet gebruikt.
Door de jaren heen hebben de Rotarybijeenkomsten op verschillende locaties plaats-gevonden. In aanvang bij de Sociëteit de Witte. Daarna Hotel Paulez (stond tot 1945 op de plaats van de voormalige Ambassade van de Verenigde Staten). Vervolgens Royal aan het Lange Voorhout, Hotel de Wittenbrug (stond t.o. Madurodam), het Congresgebouw, Hotel Bel Air, het Promenade Hotel, het Mauritshuis en tenslotte het Carlton Ambassador Hotel.
Lange tijd heeft onze club zich verzet tegen de komst van vrouwen. Het is uiteindelijk in het jaar 2000, door de toenmalige voorzitter Walther Hofman doorgedrukt. Een groot aantal leden was het niet mee eens en was van mening dat het de sfeer in de club zou aantasten. Zij dreigden hun lidmaatschap op te zeggen als het toch zou doorgaan. Het gebeurde toch en zij zijn gebleven! De sfeer is er inderdaad door veranderd. Het is sindsdien veel informeler geworden. Een paar vrouwen inpassen in een club van 100 leden is niet gemakkelijk. Daarom zijn er jarenlang bijna alleen maar vrouwen lid geworden. Elisabeth Beelaerts en Rolanda Vriesendorp op 1 mei 2001, Marianne van Beinum op 18 mei 2001, Eugenie Boer op 9 november 2001, Jacqueline Tammenons Bakker op 19 april 2002, Claudine Chavannes op 17 mei 2002, enz, enz. Wij zijn een oude club die helaas wat aan het vergrijzen is. Wij hebben altijd er naar gestreefd vooraanstaande leden in de club te hebben en goede sprekers. De wekelijkse lezingen zijn altijd en nu nog het sterke punt van de club geweest. De club is nog steeds vitaal en viert binnenkort haar 100 jarig bestaan!

